Eerlijke handel!

Hordes zombies, blauwogige ondode magiërs en cyclopen trekken vanuit een ijzig landschap op naar een grote muur. Een muur die slechts verdedigd wordt door enkele ondervoede, onderbetaalde en slecht geklede mannen. De Night’s Watch. Achter die muur liggen de weelderige landen van de zeven koninkrijken. De mannen van de Night’s Watch zijn de enigen die staan tussen de krachten van vernietiging en kou en de zeven koninkrijken. Koninkrijken die het altijd druk hebben met een schaakspel op leven en dood om de macht.

Still uit Game of Thrones

Dit beeld, kenners herkennen de serie Game of Thrones, gebruikte Nico van Eijk  tijdens het goed bezochte Big Data en Privacy debat in De Kring om onze wereld te schetsen: de hordes uit het oosten en uit de lendenen van de samenleving rukken op naar de macht in onze 28 landen. De beschaving wordt verdedigd door een paar mannen en vrouwen uit Brussel. Een haveloze, aangeschoten groep. Door iedereen met de nek aangekeken. De EU ambtenaren als de Night’s Watch is een beeld dat ik lang bij me zal dragen.

Deze Night’s Watch kan ook bij Van Eijk trouwens niet op veel clementie rekenen. Onontkoombaar was zijn conclusie dat het door deze hoeders van onze vrijheden opgetuigde privacyregelstelsel volkomen mislukt is als middel om greep te houden op onze persoonlijke gegevens. Opgetuigd in een tijd dat databanken nog kaartenbakken waren, is het bouwwerk al vanaf de pijlers “informeren” en “dataminimalisatie” geheel verrot. De nieuwe tijd zal over de regels walsen als een kudde op hol geslagen bizons over een kleuterklas. Er moet geïnformeerd (pijler onder de regels) maar als een mens dat wilt lezen, is ie per jaar 200 uur bezig. Dus niemand leest iets. Dat is dan niet zinvol “informeren”. Dat is een rituele dans die alleen juristen en hen die zich zo noemen een inkomen bezorgt. Ik was het met Van Eijks conclusie zeer eens. Ook Michiel Buitelaar zag de regelgeving als onbruikbaar.

Buitelaar had daarvoor een beeld van onze toekomst geschetst waarin we beslissingen gaan nemen op een totaal andere manier. Als mensen al beslissingen blijven nemen. Als er niet vooral voor ons gedacht wordt. Beslissingen gebaseerd op data en niet meer op door de mens gemaakte afwegingen. Het is niet alleen de onwaarschijnlijke accumulatie van data die de ontwikkelingen stormachtig maken, het is ook en vooral, de intelligentie die op die big data wordt losgelaten op zoek naar patronen. Kunstmatige intelligentie doet dingen die ver buiten ons bevattingsvermogen liggen. Buitelaar is geen pessimist. Het gebruik van big data biedt geweldige mogelijkheden. Hij is een realist: zelfs als het slecht zou zijn voor de mensheid dan is het verzamelen en analyseren van die big data niet meer te stoppen.

Dat het niet te stoppen is, betekent niet dat er geen belangrijke morele kwesties blijven. Waar ligt bijvoorbeeld de grens van de solidariteit ligt als je weet dat je zelf aan iets goedkoops zult doodgaan maar je buurman een langdurige dure ziekte krijgt. Wil je dan nog wel voor hem betalen?

Een van zijn andere conclusies was dat in een wereld waarin zoveel data worden verzameld en geanalyseerd, de consument niet meer aan de knoppen kan zitten. Dat toestemming bijvoorbeeld een farce wordt. Zeker als die data meteen na toestemming door vijftig of meer organisaties worden verhandeld en gebruikt om de toestemminggever op hem toegepaste reclame te laten zien. Als een wiskundige en programmeur als hijzelf al niet meer begrijpt wat er met je data gebeurt, weet een mens die die bagage niet heeft, dat al helemaal niet. En als die dat niet weet, weet hij ook niet waar hij toestemming voor geeft.

De conclusie van het panel was unaniem: de huidige privacyregelgeving is nu al niet hanteerbaar en in de voorzienbare toekomst al helemaal niet meer. De individuele mens is alle controle allang verloren en complexe, onbegrijpelijke en veel te uitgebreide formele regels geven hem die controle niet terug.

Hoe dan wel verder? Van Eijks door de overige panelleden gedeelde conclusie was dat we af moeten van de complexiteit willen we nog grip houden. Dat we naar de “substance” terug moeten. Weg van de heilige privacy met al zijn in beton gegoten hoogdravende normen en informatieplichten terwijl niemand ook maar iets leest. Weg met de afvinklijstjes en weg met de “compliance” functionarissen die alleen vinkjes kunnen zetten.

Terug naar “eerlijke handel”. Ik hoor het de zakenman Bul Super in de Bommelverhalen zeggen, kauwend op zijn gedoofde sigaar.

“Eerlijk zakendoen, Hieper”. Eerlijke handel betekent simpelweg dat je als gebruiker van data er op een nette manier mee omgaat. Geen tot achter de komma opgeschreven systeem meer, maar een enkele open norm. Zoals ook de norm in het gewone zakendoen in wezen telkens simpel is. Bij reclame mag je niet misleiden, dat is oneerlijk. Je mag niet de relatiedatabase van je concurrent stelen en gebruiken. Oneerlijk. En je mag niet iemands online gedrag analyseren, tot de ontdekking komen dat die persoon een hersentumor heeft en hem dan een doodskist proberen aan te smeren. Dat is big data oneerlijk. Om dat alles te weten heeft niemand onbegrijpelijke regels nodig. Van Eijk zag daarom in de Amerikaanse FTC een rolmodel voor Europees toezichtbeleid: flexibel, snel en deskundig. En niet gehinderd door te gedetailleerde regels. Men houdt zich daar aan de eis van de “eerlijke handel”.

Zo eindigde het gesprek met een glimmer hoop. Niet alles is nu al verloren. Als we de regelmachine afzetten, privacy vergeten en de omgang met data terugbrengen naar de vraag wat eerlijk zakendoen is, komen we eruit. Weg van de grondrechten en terug naar de economie als het ware. Substance over form.

Dan hoeven we ons verder alleen nog te richten op de knelpunten als solidariteit bij verzekeringen. “Eerlijke handel Hieper!” En zo is het. Het was een mooie avond.

Jetse Sprey

 

 

Over Jetse Sprey

Jetse SpreyJetse heeft een snelle en flexibele geest en nooit gebrek aan energie. Hij vindt oplossingen in plaats van problemen en is telkens weer in staat om impasses te doorbreken. Hij zegt wat hij ergens van vindt en niet wat hij denkt dat zijn cliënten willen horen.

Hij schrijft scherpe contracten die goed te lezen zijn. Hij schrijft processtukken en adviezen die overtuigen. Hij weet veel van intellectueel eigendom, privacy en ondernemingsrecht.
Jetse is bestuurslid van de Stichting Reclame Code.

Alle artikelen van Jetse Sprey