Het komt steeds vaker voor dat bij inbreuken op auteursrechten (zoals het gebruik van foto’s zonder toestemming) schadevergoeding wordt geëist (en toegekend), die aanzienlijk hoger is dan de gebruikelijke licentievergoeding. Kan je daar iets tegen doen als je met zo’n eis tot schadevergoeding wordt geconfronteerd?

De problemen beginnen meestal met een sommatiebrief.

Daarin stelt de rechthebbende dat je inbreuk hebt gemaakt op zijn of haar auteursrecht. En dat je die inbreuk onmiddellijk moet stoppen en een flinke schadevergoeding moet betalen. Zo niet dan wordt gedreigd met een gang naar de rechter. Opvallend genoeg is het schadebedrag vaak zo hoog dat je je afvraagt of dat wel gerechtvaardigd is.

In Nederland is het zo dat bij een inbreuk op auteursrechten (naast de afdracht van winst) in principe alleen een vergoeding van de schade kan worden gevorderd. Die schade in de meeste gevallen de (licentie-)vergoeding die misgelopen is doordat de foto zonder toestemming is gebruikt. Alles wat boven die daadwerkelijke schade uitkomt is in feite een boete. In Nederland bestaat niet het principe dat burgers elkaar een boete kunnen opleggen (tenzij ze dat bijvoorbeeld in een “boetebeding” hebben afgesproken).

Punitive damages

Dat is anders dan bijvoorbeeld in de Verenigde Staten, waar wel een vergoeding mogelijk is van (veel) meer de daadwerkelijke schade. Denk bijvoorbeeld aan de zaak van de hete koffie van McDonalds die tot ernstige brandwonden leidde, waardoor McDonalds het drievoudige van de werkelijke schade moest betalen. Dat heet punitive damages.

Toch komt het regelmatig voor dat inbreukmakers ook door de Nederlandse rechter worden veroordeeld om meer dan de daadwerkelijke schade te vergoeden (in ongeveer de helft van de zaken), ondanks dat wij het systeem van de punitive damages niet kennen.

Wat kan je doen als je met zo’n hogere eis tot schadevergoeding geconfronteerd wordt?

In verscheidene zaken met betrekking tot Getty Images (en soortgelijke gevallen) is door Getty aangevoerd dat door het gebruik zonder toestemming afbreuk is gedaan aan de “exclusiviteit” van het gebruikte werk (in die gevallen een foto). Omdat de schade ten gevolge daarvan moeilijk te berekenen is, wordt in veel gevallen aangehaakt bij algemene voorwaarden van bijvoorbeeld de eiser zelf of Pictoright. Daarin staat bijvoorbeeld dat als een foto zonder toestemming is gebruikt, de gebruiker een vergoeding van 200% van de normale licentievergoeding verschuldigd is.

Daarnaast wordt vaak ook vergoeding van een tamelijk hoog bedrag aan advocaatkosten gevorderd, die zouden zijn gemaakt voor het beoordelen van de inbreuk en het schrijven van de sommatiebrief.

Argumenten tegen hoge schadevergoeding

Daar is wel iets tegenin te brengen. Of er nu toestemming is verkregen of niet, de “exclusiviteit” wordt immers in beide gevallen in dezelfde mate beperkt. Waarom dan bij gebruik zonder toestemming meer afbreuk zou worden gedaan aan de exclusiviteit dan met licentie, is discutabel. Bovendien gaat het in veel gevallen om stockfoto’s die je overal al tegenkomt (zo lijkt deze callcentermedewerkster echt overal te werken), dus die (afbreuk aan) exclusiviteit zal in veel gevallen wel meevallen.

Daar komt bij dat de algemene voorwaarden van de eiser of bijvoorbeeld Pictoright in veel gevallen niet van toepassing zijn. Er is immers geen overeenkomst (zoals een licentie) tussen de eiser en de inbreukmaker, waarin dat is afgesproken. Een ander argument kan zijn dat het verhogen van de “schadevergoeding” leidt tot punitive damages, wat in het Nederlandse recht in principe geen plaats heeft (waarover hieronder meer).

En de advocaatkosten?

De eiser heeft weliswaar aanspraak op vergoeding van kosten, maar in veel gevallen gaat het om kosten voor het versturen van een standaardbrief waarvan nog slechts een aantal specifieke punten moeten worden ingevuld. Diezelfde brief is in het geval van Getty al naar honderden, zo niet duizenden anderen gestuurd. De vergoeding die daarvoor wordt gevraagd is in veel gevallen veel hoger gebleken dan de daadwerkelijk gemaakte kosten. Dat kan dan ook een argument zijn om die kosten tegen te spreken.

Argumenten voor hoge schadevergoeding

Wat betreft de verhoogde schadevergoeding heeft de Europese rechter onlangs geoordeeld dat het op grond van Europees recht (met name de “Handhavingsrichtlijn”) niet verboden is een schadevergoeding toe te kennen die is gefixeerd op een vast bedrag (bijvoorbeeld 200% van de licentievergoeding), en niet noodzakelijk gelijk is aan de opgevoerde daadwerkelijk geleden schade. Sterker nog: de lidstaten zijn verplicht om maatregelen tegen inbreuken te nemen die “doeltreffend, evenredig en afschrikkend” zijn.

De Nederlandse rechter heeft dus (bij inbreuken op auteursrechten) wel de vrijheid gefixeerde schadevergoedingen toe te kennen (die mogelijkheid is ook in de Nederlandse Auteurswet opgenomen). Dat dient volgens de Europese rechter ook als een soort vangnet voor schade die moeilijk te concretiseren is. De verhoging van de licentievergoeding mag echter niet te hoog zijn, omdat in zo’n geval mogelijk misbruik wordt gemaakt van de mogelijkheden om tegen een inbreuk op te treden. Het argument van het verlies van exclusiviteit kan de eiser dan mogelijk wel gebruiken (mits voldoende onderbouwd) dat er een bepaald bedrag aan schade bestaat, maar het is niet noodzakelijk dat het wordt specifiek wordt berekend.

Conclusie

Kortom, het bedrag dat in een sommatiebrief wordt gevorderd is lang niet altijd het bedrag dat je moet betalen. Het loont dan ook om daar kritisch naar te kijken, bijvoorbeeld door de geëiste schadevergoeding te vergelijken met de gebruikelijke licentievergoeding (die je bij Getty hier kunt checken. En door erachter te proberen te komen (bijvoorbeeld via Google) of de sommatiebrief die je hebt ontvangen niet ook aan een heleboel anderen al is verstuurd. De daarvoor gemaakte advocaatkosten zullen dan waarschijnlijk wel meevallen.

Over Benjamin van Werven

Benjamin van WervenBenjamin’s praktische en doortastende aanpak stamt uit zijn tijd bij Endemol International waar hij de contractenpraktijk en het bedrijfsleven goed heeft leren kennen.

Benjamin werkt secuur en systematisch. Hij is in onderhandelingen vasthoudend en overtuigend. Hij is goed ingevoerd in het intellectueel eigendomsrecht, verbintenissenrecht en arbeidsrecht, en in de entertainment-, IT- en ICT-branche.

Benjamin geeft regelmatig gastcolleges, onder meer op de Theaterschool en het Conservatorium van Amsterdam.

Alle artikelen van Benjamin van Werven