De rechtbank Midden-Nederland heeft uitspraak gedaan over een in het magazine LINDA. verschenen artikel over een man die vreemd ging en zijn vrouw vervolgens verliet toen zij erachter kwam. Het verhaal stond in de rubriek “Verlaten Vrouw”, over door hun man in de steek gelaten vrouwen. Voor onder andere de sappige details van het artikel, zie hier het vonnis.

De man werd op een gegeven moment bekend met het artikel en herkende zijn verhaal daarin, waar hij natuurlijk niet blij mee was. Daarop dagvaardde hij de uitgever van de LINDA. in kort geding om het artikel onder meer van de website te laten verwijderen en niet meer te laten gebruiken en nog niet verkochte exemplaren van het magazine uit de handel te laten halen.

Daarnaast vorderde de man dat op de website van de LINDA. een rectificatie zou worden geplaatst waarin onder andere zou staan dat het artikel zodanig veel details bevatte dat personen daaruit herkenbaar naar voren kwamen, dat de juistheid van de in het artikel vermelde feiten en omstandigheden door diverse betrokkenen werden betwist en dat geen hoor en wederhoor was toegepast, waardoor de juistheid van de in het artikel vermelde feiten en omstandigheden niet kon worden gegarandeerd. De uitgever moest daarvoor publiekelijk haar excuses aanbieden van de man. Los van de vraag hoe dit juridisch in elkaar zit, kan je je natuurlijk afvragen of dit publicitair nou een heel handige zet van de man was. Als er lezers waren die gelijkenissen met het geval van de man hadden gezien, werden die gelijkenissen door de rectificatie immers bevestigd. Bovendien werd er door de rectificatie weer aandacht aan het artikel gegeven, terwijl dat zou juist iets zou moeten zijn wat de man niet zou willen. Maar dat terzijde.

De rechtbank ging niet mee in de eisen van de man. De kwestie werd door de rechter beoordeeld door enerzijds het recht van de man op eerbiediging van de eer en goede naam en anderzijds het recht van de uitgever op vrijheid van meningsuiting tegen elkaar af te wegen. Die vrijheid van meningsuiting zou in dit geval alleen kunnen worden beperkt als het belang van de man bij handhaving van zijn rechter zwaarder zouden wegen dan dat van de uitgever bij de vrijheid van meningsuiting. Bij die afweging werd in dit geval onder meer betrokken de aard van de gepubliceerde uitlatingen en de ernst van de te verwachten gevolgen daarvan voor de man, de ernst – beoordeeld vanuit het algemeen belang – van de “misstand” die in het artikel aan de kaak werd gesteld, in hoeverre het artikel waar is (althans “steun vindt in het beschikbare feitenmateriaal”), de totstandkoming en inkleding van het artikel, het gezag dat de LINDA. geniet en de maatschappelijke positie van de man.

De rechter vond het van belang dat de rubriek niet de indruk wekte dat het om waargebeurde verhalen ging. Het verhaal zou redelijk neutraal zijn opgesteld, en geprobeerd was om herleidbare verwijzingen naar bestaande personen te voorkomen. Daardoor had de uitgever ook geen reden om bij de man wederhoor toe te passen. De rechter oordeelde weliswaar dat door het artikel niet een enorme misstand aan de kaak werd gesteld, maar dat betekende op zichzelf nog niet dat het niet geplaatst had mogen worden. Bovendien was het artikel volgens de rechter zo opgesteld dat het (behalve voor een kleine kring personen) niet te achterhalen zou zijn om wie het ging in het artikel.

De rechter oordeelde dan ook dat het artikel niet onrechtmatig is (althans, zoals dat gaat bij een dergelijk kort geding vonnis, dat “dat het niet aannemelijk is dat een bodemrechter zal beslissen dat de publicatie onrechtmatig is”). De vordering van de man werd dan ook afgewezen.

De actie heeft dus weinig goeds voor de man opgeleverd. Behalve dat het artikel niet meer op de website van LINDA. te vinden zou zijn, niet in boekvorm zou worden uitgegeven of verfilmd zou worden en dat er geen enkel exemplaar van het bewuste nummer van het tijdschrift Linda meer zou worden verkocht (al had de uitgever op de zitting al uit eigen beweging aangegeven dat niet te zullen doen). Wel is het vonnis met delen van het verhaal gepubliceerd, wat in blogs als deze nog eens wordt herhaald.

Over Benjamin van Werven

Benjamin van WervenBenjamin’s praktische en doortastende aanpak stamt uit zijn tijd bij Endemol International waar hij de contractenpraktijk en het bedrijfsleven goed heeft leren kennen.

Benjamin werkt secuur en systematisch. Hij is in onderhandelingen vasthoudend en overtuigend. Hij is goed ingevoerd in het intellectueel eigendomsrecht, verbintenissenrecht en arbeidsrecht, en in de entertainment-, IT- en ICT-branche.

Benjamin geeft regelmatig gastcolleges, onder meer op de Theaterschool en het Conservatorium van Amsterdam.

Alle artikelen van Benjamin van Werven